8. De vele kritische geluiden

 Klik voor een literatuurverwijzing op de driehoekjes. Bedoelde referenties staan bovenaan de lijst die verschijnt.

De onderzoekers en instanties die een vetarme voeding en cholesterolverlaging propageren, zeggen dat gezondheidsautoriteiten het wat dit betreft wereldwijd eens zijn. Dat is niet waar. Hier volgen in alfabetische volgorde enkele uitgesproken kritici. Daarvan zijn er nog veel meer. Velen zijn aangesloten bij THINCS, The International Network of Cholestrol Skeptics, een wereldwijd netwerk van artsen, onderzoekers, wetenschapsjournalisten en andere academici. Ook vier van de hieronder gepresenteerde wetenschappers – Mary Enig, Paul Rosch, Ray Rosenman en Lars Werkö – zijn aangesloten bij THINCS.

Mary Enig is internationaal gerespecteerd vetzuurdeskundige en redacteur van wetenschappelijke tijdschriften als het Journal of the American College of Nutrition. Zij is auteur van het boek ‘Know Your Fats’ en publiceerde talrijke artikelen over vetten en voeding (). Mary Enig was de eerste die wetenschappers wees op de nadelige effecten van transvetzuren.

In een interview zei ze het volgende over de heersende vetfobie:

Het idee dat verzadigd vet de oorzaak is van hart- en vaatziekten, is volstrekt ongefundeerd. De bewerng is echter zo vaak herhaald dat het ontzettend moeilijk is om mensen van het tegendeel te overtuigen. De meesten zijn niet bereid om diepgaand over het onderwerp te lezen en zich een beeld te vormen van de achterliggende politieke en economische krachten.

(Wie meer wil lezen, zou kunnen beginnen met het opzienbarende artikel The Oiling of America (), dat Enig schreef met Sally Fallon.)

Michael Gurr is voormalig hoogleraar biochemie aan de School of Biochemical and Molecular Scienses in Oxford, chefredacteur van Nutrition Research Reviews and redacteur van drie andere wetenschappelijke tijdschriften. Hier de conclusie waarmee hij een lang overzichtsartikel afsluit :

Deze argumenten en overwegingen  zullen nauwelijks invloed hebben op de ‘experts’ die om politieke of wetenschappelijke redenen besloten hebben dat vet de belangrijkste oorzaak van hart- en vaatziekten is. Ik hoop dat enkele van de lezers die misschien niet wisten dat de cholesterolhypothese op drijfzand rust nu inzien dat het verband tussen de vetten die we eten en de kans dat we sterven aan een hartinfarct niet zo eenvoudig is als doorgaans wordt voorgesteld.

George Mann is emeritus hoogleraar geneeskunde en biochemie aan de Vanderbilt Universiteit in Tennessee. Tijdens zijn veldstudies onder de Masai (zie hoofdstuk 3) raakte hij ervan overtuigd dat dierlijk vet onmogelijk de belangrijkste oorzaak van aderverkalking en het hartinfarct kan zijn. Al in 1977 schreef hij in het medische tijdschrift The New England Journal of Medicine dat er geen verband is tussen voedingsgewoonten en het cholesterolgehalte en dat pogingen om hartinfarcten te voorkomen door het cholesterol te verlagen tot mislukken gedoemd zijn ().

Toen de cholesterolcampagne acht jaar later goed op gang kwam, vatte Mann zijn kritiek op de cholesterolhypothese samen in het blad Nutrition Today (). Volgens Mann is de cholesterolcampgane de grootste weteschappelijke fraude van onze tijd. Zijn kritiek betrof in het bijzonder het streven naar cholesterolverlaging. Nooit eerder zijn zo veel dure experimenten zo grondig mislukt.

Veel mensen vragen mij hoe het kan dat zo veel onderzoekers de cholesterolhypothese kritiekloos hebben geaccepteerd. Dit is het antwoord van Mann:

Het risico hun genereuze honoraria te verliezen, maakt dat wetenschappers die zouden moeten protesteren tegen deze anti-wetenschappelijke nonsens zich pijnlijk op de vlakte houden. Dit zwijgen heeft serieus onderzoek op dit terrein met een hele generatie vertraagd.

Aan het slot van zijn artikel geeft Mann ons een beetje hoop:

Degenen die hun data manipuleren hebben niet in de gaten dat je de ware gang van zaken niet tot in het oneindige kunt verdoezelen. Vroeg of laat komt de waarheid onvermijdelijk naar voren en wordt het bedrog ontdekt.

Edward R. Pinckeney was eerder redacteur van vier medische tijdschriften en medewerker van JAMA, the Journal of the American Medical Association. In 1973 schreef hij samen met zijn vrouw Cathey het boek ‘The Cholesterol Controversy’, een overzicht van alle tegenstrijdigheden in de cholesterolhypothese (). Pinckeney behandelt ondermeer de talloze factoren die het cholesterolgehalte bij gezonde mensen beinvloeden.

Het wijzigen van de leefstijl op basis van deze laboratoriummeting kan best eens meer problemen veroorzaken dan het oplost.

Pickeney beschrijft in detail welke risico’s we lopen door ons cholesterol te verlagen. Het begin van het eerste hoofdstuk in ‘The Cholesterol Controversy’ is het citeren waard:

Uw angst voor de dood, aangenomen dat u behoort tot het deel van de mensheid dat wordt geplaagd door deze morbide gedachte, heeft u mogelijk tot slachtoffer van de cholesterolcontroverse gemaakt. Als u gelooft dat u uw risico om te overlijden aan een hartinfarct kunt verminderen door het cholesterolgehalte van uw bloed te verlagen,  met behulp van een dieet of een medicijn, volgt u een plan dat niet stoelt op feiten. U heeft zich om de tuin laten leiden door commerciële belangen en gezondheidsprofeten, die meer belangstelling hebben voor uw geld dan voor uw leven.

Raymond Reiser was hoogleraar biochemie aan Texas A&M University. In 1973 bekritiseerde hij de aanbevelingen om het cholesterol te verlagen met de volgende woorden:

Je moet werkelijk lef hebben om grote delen van de wereldbevolking te overreden zijn gebruikelijke voeding te wijzigen, om belangrijke takken van de landbouw en levensmiddelenindustrie te bedreigen, op basis van dergelijke oncontroleerbare en primitieve studies. Moderne wetenschap zou beter onderzoek moeten kunnen produceren wanneer er zo veel op het spel staat.

Paul Rosch is chef van The American Instute of Stress en klinisch hoogleraar geneeskunde en psychiatrie aan het New York Medical College. Hij is tevens redacteur van drie medische tijdschriften en was eerder chef van de New York State Society of Internal Medicine en woordvoerder van de International Foundation for Biopsychosocial Development and Human Health. Al bijna 50 jaar doet hij onderzoek naar en schrijft hij over de rol van stress bij het ontstaan van ziekten, in het bijzonder van hartziekten. Hij heeft meegewerkt aan talloze TV-programma’s, waaronder The Today Show, Good Morning America, 60 Minutes, (het Amerikaanse) Nova, CBS, NBC, BBC en CBC.

Als redacteur van de Newsletter of the American Institute of Stress publiceerde Rosch verscheidene kritsiche artikelen over de cholesterolhypothese. Een van zijn commentaren luidde als volgt:

Er is een gigantsiche kruistocht gestart om het cholesterolgehalte te verlagen door minder vet te eten en agressieve medische behandeling. De onderbouwing voor deze kruistocht is pure speculatie, geen wetenschap. De bevolking is gehersenspoeld om te geloven dat hoe lager het cholesterol is, hoe gezonder de mens wordt en hoe langer hij leeft. Niets van dit alles heeft met de werkelijkheid te maken.

Veel mensen die inzien dat ze om de tuin zijn geleid, vragen zich af hoe deze misleiding jaar na jaar kan doorgaan. Dit is de verklaring van Rosch:

Geneesmiddelenfabrikanten, de levensmiddelenbranche, de laboratoriumindustrie en andere partijen met economische belangen in deze kwestie hebben een extreem geslaagde reclamecampagne gevoerd. Hun invloed en economische macht is zo groot, dat ze hebben kunnen doordringen tot de controle-organen die ons zouden moeten beschermen tegen dit soort niet in de werkelijkheid verankerde dogma’s.

Rosch herinnert ons eraan dat de meeste praktiserende artsen voor hun nascholing vrijwel volledig afhankelijk zijn van de geneesmiddelenindustrie, maar in tegenstelling tot hun collega’s een halve eeuw geleden hebben de meesten geen tijd of niet de bagage om wetenschappelijke artikelen kritisch te beoordelen.; slechts weinigen begrijpen hoe onderzoek in zijn werk gaat.

Ray Rosenman was eerder chef van Cardiovascular Research van het Stanford Research Institute (SRI) () in Californië en van de afdeling cardiologie van het Mount Zion Hospital and Medical Center in San Fransisco. Hij schreef vier boeken en talloze tijdschrijftartikelen over hart- en vaatziekten. Zijn voornaamste interesse ging uit naar de invloed van neurologische en psychologische mecdhanismen op de lipiden in het bloed (), maar hij liet zich ook kritisch uit over de cholesterolhypothese. Hier is de conclusie uit zijn meest recente analyse:

Deze gegevens laten zien dat voeding en het cholesterolgehalte van het bloed of veranderingen daarin de grote nationale en regionale verschillen in de sterfte aan hart- en vaatziekten in de 20-ste eeuw niet kunnen verklaren. Mijn conclusie wordt bevestigd door de resultaten van de vele klinische experimenten die hebben aangetoond dat verlaging van het cholesterol niet leidt tot vermindering van de sterfte aan hart- en vaatziekten of tot een langer leven. Er zijn veel aanwijzingen dat de preventieve effecten van voedingsaanpassingen en behandeling met medicijnen is overdreven, ondermeer door negatieve studies te citeren alsof ze positief waren, terwijl alle gegevens die er op wezen dat cholesterolverlaging averechts werkt, werden genegeerd ().

Rusell Smith was een Amerikaanse psycholoog die goed was ingevoerd in disciplines als fysiologie, wiskunde en techniek. Smith publiceerde uitvoerige, kritsiche analyses van de cholesterolcampagne. In een van zijn boeken vat hij zijn kritiek op de wetenschappelijke literatuur op dit gebied als volgt samen:

Hoewel de meeste mensen medisch onderzoek beschouwen als de hoogste vorm van precisie, is de meeste epidemiologische literatuur om begrijpelijke redenen weinig precies, omdat de studies primair zijn uitgevoerd door personen zonder formele wetenschappelijke opleiding en met minimale training in onderzoeksmethodiek. Als gevolg hiervan zijn methodieke fouten gebruikelijk, zijn hun studies in de regel slecht gepland en zijn ze niet in staat hun eigen resultaten te interpreteren. Het is overduidelijk dat veel onderzoekers hun gegevens zo manipuleren of interpreteren dat ze passen binnen een reeds bepaalde hypothese, in plaats van de ze hun hypothese aanpassen aan de gevonden uitkomsten. Een groot deel van de literatuur op dit terrein is eenvoudigweg een belediging van de wetenschappelijke methode.

En in een van zijn gevolgtrekkingen zegt hij:

De huidige campagne om mensen over te halen hun voeding aan te passen of een levenslange behandeling met medicijnen te beginnen, is mogelijk doordat onderzoekers zelf uitkomsten fabriceren door hun uitkomsten bewust te manipuleren, doordat ze minimale verschillen uitvergroten en doordat ze tegelijkertijd de enorme hoeveelheid uitkomsten die tegen hun belangen indruisen, negeren. Het is volstrekt uitgesloten dat een objectieve onderzoeker zonder economisch belang in de zaak de beschikbare wetenschappelijke gegevens zou interpreteren als bewijs voor de cholesterolhypothese.<p3″>Smith vet om att han går emot maktfulla institutioner:

De economische macht van de mensen bij de National Heart Lung and Blood Institution en de American Heart Association is  enorm en zonder precendent. Daar deze instituten grote geloofwaardigheid genieten bij de bevolking en bij artsen, kunnen ze hun macht en prestige gebruiken om alles wat niet in hun straatje past te onderdrukken. Daarbij logenstraffen ze het belangrijkste wetenschappelijke instrument: de logica.

Smith bekritiseert in eerste instantie de onderzoekers die verantwoordelijk zijn voor alle misleidende studies en overzichtsartikelen. Maar hij voegt er ook aan toe:

De redacteuren bij de vele tijdschriften die deze ondermaatse artikelen publiceren, zijn natuurlijk medeschuldig. Het is deprimerend om te beseffen dat miljarden dollars en een hoog ontwikkeld medisch onderzoeksapparaat worden aangewend om op spoken te jagen.

(Zo gemakkelijk als het voor de aanhangers van de cholesterolcampagne is om hun artikelen gepublceerd te krijgen, zo moeilijk is dat voor onderzoekers met een kritische houding: lees bijvoorbeeld ‘Is the peer-review system a garantee for quality?’ ()

William Stehbens was tijdens zijn leven (emeritus) professor aan het Department of Pathology van de Wellington School of Medicine en chef voor het Malaghan Institute of Medical Research in Wellington, Nieuw Zeeland. Aan de hand van zijn eigen waarnemingen en een uitvoerige analyse van de literatuur legde hij de vinger op de talrijke foutieve consclusies die ten grondslag liggen aan de cholesterolhypothese. Ten aanzien van dierexperimenteel onderzoek schrijft hij:

Geconfronteerd met deze studies moet iedere patholoog met kennis van de specifieke natuur van atherosclerose en zonder vooringenomen standpunt direct inzien dat aderverkalking bij mensen niets te maken heeft met de aderverkalking die we kunnen opwekken bij dieren door ze grote hoeveelheden cholesterol te voeren ().

Stehbens wees ook op de zwakke punten van epidemiologische studies, waarin overlijdensstatistiek vaak wordt gebruikt om oorzakelijkheid te bewijzen:

Door kritiekloos gebruik van deze onbetrouwbare gegevens heeft men de waarheid geofferd ten gunste van overhaaste conclusies. Als we ook de eerder genoemde tekortkomingen in ogenschouw nemen, moeten we constateren dat de epidemiologische toename van de sterfte aan hart- en vaatziekten die men in veel landen meent te hebben waargenomen, een hersenspinsel is. Een gezondheidspolitiek die is gebaseerd op deze onzekere data kan eenvoudigweg niet worden verdedigd ().

Meer kritische artikelen van professor Stehbens

Lars Werkö, voormalig hoogleraar geneeskunde aan het Sahlgrenska ziekenhuis in Göteborg, voormalig wetenschappelijk chef bij geneesmiddelenfabrikant Astra en na zijn pensionering chef van de Zweedse toelatingscommissie voor medicijnen. Werkö heeft van meet af aan sceptisch gestaan tegenover de cholesterolhypothese. Volgens Werkö is het dogma gebaseerd op twijfelachtige gegevens en verder voornamelijk op hoop, wensdenken en ondermaats wetenschappelijk onderzoek. Hij schrijft ondermeer:

Geen enkele studie heeft ook maar iets bewezen, maar in plaats van de hypothese te herzien of naar plausibelere verklaringen te zoeken, verkondigen de aanhangers van de cholesterolhypothese hun theorie als de meest waarschijnlijke waarheid en zetten ze het leven van talloze mensen op zijn kop. Ze kunnen niet wachten op tastbaar bewijs ( ).<p3″>Meer kritische artikelen van professor Werkö

Publicerad i Mythen, nederlandse